Storm Kirk is op komst… – Moaña

Spain October 9, 2024 20°

(Maak de foto’s even groot om te bekijken, André heeft een mooi filmpje over de storm gemaakt, die staat er ook tussen.) Moaña 5 oktober 2024. In Ria de Vigo liggen we in de marina van Moaña. Deze is relatief goedkoop en heeft een pont-verbinding met de stad Vigo. We hebben een goed plekje, in de hoek, Luna kan goed worden vastgeknoopt (denken we…) We liggen inmiddels even in Moaña en het is duidelijk dat we over een paar dagen zwaar weer gaan krijgen. Ex-orkaan Kirk raast over de Atlantische oceaan en gaat Noord Spanje in meer of mindere mate raken. Vorige winter, in Hellevoetsluis, hebben we al eens storm gehad. Vanuit die ervaring zijn we gewaarschuwd en nemen geen risico. We gaan dus voorbereiden. We doen de volgende voorbereidingen: Het verleggen van de bolders op de steigers. In de drijvende steigers zitten de bolders/kikkers in een rail en zijn verplaatsbaar. Meestal zitten ze op onhandige plekken, maar tot nu toe was dat altijd wel te overzien. Voor een storm willen we geen gedoe en verplaatsen (met hulp van de mariniero) een aantal kikkers. We leggen extra lijnen. Onze ervaring is dat Luna goed ligt zolang ze wat kan bewegen. We leggen extra lijnen op lengte dat er voldoende rek en ruimte is om beweging op te kunnen vangen. In La Coruña hebben we geleerd de lijnen aan beide kanten (boot en steiger) te beleggen. Voorheen legden we altijd een lijn rond een bolder op de steiger en belegde dan op de kikker aan boord. Echter zorgt de deining hier ervoor dat de lijnen dan heel snel kapot schavielen (schuren). Met deze manier ligt de boot via één lijn als het ware aan twee lijnen vast. Uiteindelijk ligt Luna in een web van negen lijnen vast, normaal zetten we ongeveer vier landvasten, dus dit zou voldoende moeten zijn… We halen de rolfok weg, dat scheelt windvang en voorkomt dat deze uit kan rollen en stuk kan klapperen tijdens te storm. Met dezelfde argumentatie halen we ook de buiskap weg. Het zonnepaneel krijgt ook extra lijnen zodat deze wat steviger aan het schip zit vastgesjord. Als laatste slaan we ook lijnen om de bezaan en het grootzeil, die kunnen nu ook niet meer klapperen/schavielen. Vigo 6 oktober 2024. We doen een wandeling met gids door Vigo. Leuke stad met een eigen verhaal. Voor en na de wandeling nemen we ook even de tijd om de jachthaven hier te bekijken. Deze ligt aan de hoge kant van wanneer Kirk komt razen, dat betekent waarschijnlijk meer luwte van de stad en minder zeegang (golven). Moaña ligt aan de lage kant van de baai. Maar we hebben we een “stevige” plek in de haven. Helemaal aan de hoge kant, maar de steigers zitten daar aan dikke palen vast. Als we verkassen dan is het maar afwachten wat voor plek we krijgen. We doen nog een poging een havenmeester van Vigo te spreken, maar die blijken niet aanwezig. De keuze wordt gemaakt, we blijven in Moaña. Moaña 8 oktober 2024. Het is het eind van de middag, storm Kirk nadert met rasse schreden. We hebben Maarten en Marga (sv Silkie) bij ons aan boord voor een borreltje. Vrij plotseling trekt de wind aan, vooral de vlagen zijn krachtig. We hadden het extra tentje nog over de giek, deze halen we maar snel weg en gaan terug naar binnen. De borrel verloopt verder wat onrustig. Ys is niet meer op z’n gemak, Luna begint grillig te bewegen in de lijnen. En dan, pang, een van de landvast begeeft het met een luide knal! Dit is meteen het einde van de borrel. Het hoogtepunt van de storm verwachten we in de nacht, we zitten pas op de helft van de verwachtte hoeveelheid wind… Terwijl we bezig zijn een extra lijn te zetten knalt de tweede landvast. Shit, dit gaat zo niet goedkomen. De gemoedstoestand zit ergens tussen actie en reflectie. Enerzijds actie, er moet iets gebeuren, als meer lijnen breken dan raakt Luna los van de steiger en zal als een bowlingbal door de rest van de haven kegelen. Dat gaan we hoe dan ook voorkomen. Tegelijkertijd moeten we (kennelijk) iets anders doen dan waarvan we eerder dachten dat goed was. Zoals we de lijnen hebben gezet werkt het niet. Wat hebben we verkeerd gedaan? Wat moeten we anders doen? Op dat moment verschijnt André op de steiger. Hij woont al ruim 20 jaar op zijn jacht Marije. Eerder maakten we een praatje en vertelde hij al een meerdere stormen in de haven van IJmuiden te hebben meegemaakt. Zijn conclusie is dat we veel langere lijnen moeten zetten en elke lijn dubbel moeten laten lopen. Dan verdelen de krachten zich over twee lijnen en de extra lengte geeft ruimte om te rekken en daarmee kracht om de bewegingen van Luna en de steiger op te vangen. Ys besluit dat we zijn advies moeten volgen. Misschien is het jammer dat de lijnen dan wat meer schavielen. We zijn niet meer bezig om de boel mooi te houden, dit is overleven en de morgen met zo min mogelijk schade zien te halen! Samen met André werken we vier uur om Luna op een andere manier vast te leggen. We beginnen met daglicht, tegen de tijd dat we klaar zijn is het buiten pikkedonker, gelukkig doen de lantarenpalen op de steigers het nog. Inmiddels trekt de wind steeds meer aan. We doen de volgende aanpassingen: We lenen een extra dikke lijn van de haven, deze zetten we als eerste ter vervanging van de geknapte lijnen. De plek met de meeste druk wordt als eerste ontlast. Daarna door met de rest. De bolders van de steigers gaan naar de overkant van de steiger. Onze lijnen lopen nu dwars over de steiger heen, het wordt een soort survivelbaan voor de voorbijgangers, maar het is de enige optie om echt langere lijnen te kunnen zetten. Ys draait bijna elke vrije bolder uit de steigers en zet deze bij Luna erbij zodat we extra bevestigingspunten krijgen. Alle extra lijnen die we hebben worden gebruikt. Alle landvasten, extra schoten en oude vallen. Onze twee fokkeschoten die we dagelijks met het zeilen gebruiken houden we als laatste reserve achter de hand. Als we klaar zijn ligt Luna in ongeveer tien sets dubbele lijnen. We kijken nog eens goed en dan zien we de middenbolder zichzelf bijna uit het dek trekken. Je ziet het staal verbuigen alsof het niks is, dit houdt niet lang meer. We hebben een aangrijpingspunt midden op het schip nodig, alleen voor en achter iets vastbinden zal met deze wind niet houden. Een stukje achter de middenbolder hebben we vier loosgaten. Deze zitten in het staal en hebben een stevige ronde stalen rand. We besluiten een voorloop (korte lijn) te knopen door de loosgaten en daar de langvasten van de middenbolder op te bevestigen. Rond tien uur ’s avonds besluiten we dat we nu niet veel meer extra kunnen doen. We vragen of André zelf nog hulp nodig heeft, dat blijkt niet en gaan aan boord van Luna. We zijn doorweekt, onze laarzen zijn tot de rand gevuld met regen- en zeewater. Brechtje duikt uit de voorraadkast een blik erwtensoep op en warmt dat op. Tegen wil en dank eten we allebei een grote kom leeg. We hebben geen trek maar weten dat het goed is wat energie binnen de krijgen na de inspanning van net en de slapeloze nacht die gaat komen. We kijken wat TV, heel veel anders is er niet te doen. Slapen gaat niet. Moaña 9 oktober 2024. Naarmate de nacht vordert stijgt het zeewater evenals de windkracht (de windmeters geven in de vlagen 50-60 knopen wind, bft 10-11). Toeval wil dat het hoogtepunt van de storm samen zal gaan met hoogwater. Gelukkig liggen we achter een golfbreker, helaas is deze niet hoogt en laat veel water door. Hierdoor hebben we alsnog veel golfslag en is het alsof Luna en de steiger galopperen op het water. Op het hoogtepunt slaan de toppen van de golven over de golfbreker heen en kletteren bij ons aan dek. Alsof een tiental emmers tegelijk wordt leeggegooid. Eerlijk is eerlijk, het is niet leuk. En behoorlijk spannend. We hebben alles gedaan wat we konden, als er nu nog lijnen knappen, dan hebben we nog weinig opties over. We kruipen dicht tegen elkaar en hebben via whatsapp contact met vrienden, dat geeft steun. We voelen ons gesterkt door de lieve berichten, het geeft het gevoel niet alleen te zijn in deze rotsituatie. Joost en Monique liggen met hun Ladigue een stukje verderop in Cangas. Daar is het ook geen pretje, ze vertellen ons dat ze elk uur een rondje aan dek doen om de lijnen te controleren. Goed idee, wij zetten onze wekker op anderhalf uur en gaan hetzelfde doen. Tussendoor proberen we een beetje te doezelen. De eerste paar rondes gaan als volgt: Brechtje kijkt aan dek en Ysbrand op de steiger. Op een gegeven moment vinden we het te gevaarlijk om nog van boord te gaan, omdat Luna en de steigers zo tekeer gaan. Brechtje blijft in de opening van het luik, Ysbrand doet een ronde over dek. Het lukt niet meer om zonder vast te houden aan dek te staan. Om vijf uur ’s ochtends horen we ineens kloppen op de romp en roept iemand in het Nederlands: “Luna, zijn jullie aan boord?!” We schieten naar het luik en doen open. Daar staat Jan, slechts gekleed in zijn hemd, onderbroek en een paar bootschoenen. We kennen Jan van een ontmoeting in een van de eerdere Ria’s. Hij vraagt of we lijnen over hebben, “nee sorry” (onze laatste reserveschoten zijn voor onszelf). “Mag ik dan bij jullie schuilen?”, “Natuurlijk!” We helpen Jan aan boord, hij vertelt dat er bij hen ook lijnen knapten. De extra lijnen zetten lukte wel. Maar het schip lag inmiddels twee meter van de steiger waardoor hij niet meer aan boord kon komen. We geven ‘m een handdoek, droge kleren en wat zoets en warms te drinken. We bellen zijn telefoon, de eigenaar van het schip waarop hij vaart neemt op, die hoeft zich geen verdere zorgen te maken. Ergens is de komst van Jan een welkome afleiding, het leidt een beetje af van het gebulder buiten. De rest van de nacht is hij bij ons, we kletsen en snoezen wat op de bank, rond het middaguur is het rustig genoeg om weer terug aan boord te gaan van zijn eigen schip. Na acht uur ’s morgens lijkt het ergste venijn eruit, we steken zo af en toe ons hoofd buiten en durven op een gegeven moment ook van boord om te kijken hoe wij en de rest van de haven erbij liggen. Bij ons blijken drie lijnen op vijf plekken te zijn geknapt. Allemaal de oude gele landvasten, die hoeven we in de toekomst niet meer te vertrouwen tijdens harde wind of golfslag. In de rest van de haven zijn vijf rolfokken door de wind gegrepen, uitgerold en tot vellen stuk geklapperd. Er zijn twee vingersteigers afgebroken van de hoofdsteiger, veel schepen hebben schade aan de romp van het beuken tegen steigers. De hele haven is een beetje daas van de nacht, mensen lopen wat verdoofd op te ruimen. De mannen van de haven zijn druk met het opnemen van schade. Wij halen de fok van ons buurschip eraf, ook stukgewaaid, de eigenaren (Duits gezin) blijken een dag later aan boord te komen. Ze zijn dankbaar dat we dat voor ze gedaan hebben. Wij waren vooral blij dat het klapperen ophield ;) Onze dag bestaat verder uit een beetje hangen en slapen. De volgende dag gaan we wel echt opruimen en nieuwe plannen maken. Na de storm, wat hebben we geleerd en gaan we voortaan anders doen: Een volgende keer proberen we waarschijnlijk toch een haven te vinden die meer beschutting heeft van de golven. De wind was heftig, maar als het water vlakker was geweest zouden de krachten op het schip ook veel minder zijn geweest. Als laatste redmiddel hadden we bedacht het anker uit te kunnen lopen. Dan hadden we het anker vanaf de boeg achter de steiger gehaakt. Als de lijnen dan waren gebroken hadden we aan de ankerketting gehangen en waren we niet op drift geraakt door de haven. Een volgende keer doen we dit misschien wel preventief. Tijdens het varen zeggen we vaak: “Denken aan reven, is reven!” Datzelfde geldt vanaf nu ook voor ons wat betreft de het zetten van (extra) lijnen in havens. Sindsdien zijn we kritischer geworden op hoe we vastliggen. We merken dat we rustiger slapen wanneer we een extra half uur hebben besteed aan de lijnen. Misschien is het een klein trauma, misschien zijn we door de ervaring wijzer geworden. Onze voorkeur wat betreft het leggen van lijnen is sindsdien de volgende: we zetten lange lijnen (voor, achter en meerderde springen) op zo’n manier dat er altijd spanning op staat. Dit om te voorkomen dat het schip momentum op kan bouwen. Bij de kop en kont gebruiken we kortere lijnen met een landvastveer erin, deze dempen het schommelen/wiegen van het schip en geven daarmee wat extra comfort. Tijdens inspectie van de middenbolders kwamen we erachter dat deze met vier M6 boutjes direct aan het dek gebout waren. De gaten waren acht milimeter, maar niet goed uitgelijnd. M6 (zes millimeter dik) paste wel, dus ipv een degelijke oplossing was voor de snelle gekozen. Beide middenbolders zijn inmiddels versterkt met dikke en grote stalen contraplaten onder het dek, ook zitten de nu met vier M8 bouten vast. Die gaan nergens meer heen. De laatste en belangrijkste les voor ons is dat we dit avontuur niet alleen doen. Het contact met vrienden en familie op afstand en de hulp van mensen in de haven gaf extra energie. Of anders gezegd gedeelde smart, was daarmee ook echt halve smart.

0:15

0:09

0:14